Plan armoedebestrijding en gevolgen inflatie

Verslag bijeenkomst Netwerk tegen Armoede op 11 oktober 2022

Plaats: Ontmoetingskerk, Rhenen

Het Netwerk tegen Armoede is gestart in 2017 naar aanleiding van de armoedeconferentie in november van dat jaar.

Sindsdien zijn een tiental bijeenkomsten georganiseerd met thema’s als vroegsignalering, samenwerking, armoede onder ouderen/jongeren enz. 

De verslagen van deze bijeenkomsten kunt u lezen op https://hulpmaatjerhenen.nl/netwerk-tegen-armoede).

De onderwerpen van deze bijeenkomst waren:

  • de voortgang van het armoedeproject
  • de gevolgen van de inflatie

De bijeenkomst is voorbereid door Kees Jochemsen, Josje Doorenbosch, Sandra Kensen en Tjark Struif Bontkes. Er waren 49 deelnemers (zie de lijst met deelnemers).

Sandra Kensen, gespreksleider, heet iedereen welkom en constateert dat er een grote opkomst is.

De wethouder heeft bloemen meegenomen voor de vrijwilligers van de Formulierenbrigade.

  1. Kerngroep armoedebestrijding

Monique Spoor (coördinator Kerngroep armoedebestrijding) geeft een toelichting op het werk van de kerngroep.

In 2019 is een armoedebestrijdingsplan opgesteld. Het doel van dat plan was om 25 gezinnen structureel uit de armoede te helpen. Het Netwerk tegen Armoede is in 2021 gevraagd hierin mee te denken. Hieruit is de Kerngroep armoedebestrijding voortgekomen. Intussen is de situatie veranderd door m.n. corona en de energiecrisis. De groep komt eens per 3 weken bijeen in wisselende samenstellingen, maar in principe maken de volgende groepen hiervan deel uit: sociaal team, klantmanagers, CJG, Buurtgezinnen, Hulpmaatje Rhenen en Formulierenbrigade.

Tijdens de bijeenkomsten worden ingebrachte casussen besproken. Deze casussen betreffen meestal schrijnende gezinssituaties, veroorzaakt door een gebrek aan middelen. Er wordt dan bekeken in hoeverre hiervoor oplossingen kunnen worden gezocht binnen, maar soms ook buiten, de bestaande kaders. Hiervoor heeft de groep een eigen maatwerk budget. 

Het verschil met het bestaande Noodfonds is dat het bij de laatste om acute noodsituaties gaat.

Er wordt een anonieme registratie bijgehouden.

Hoewel deelname van sommige groepen onregelmatig is wordt de samenwerking tussen de gemeente en vrijwilligersorganisaties als zeer positief ervaren, waardoor we een beter beeld van de armoedeproblematiek in Rhenen krijgen.

  1. Wat merken we van de energiearmoede en wat kunnen we eraan doen. 

Naast de reeds geïnventariseerde en rondgestuurde ervaringen meldt de RABO bank dat ze al signalen ontvangen. Zij besteden o.a. aandacht aan preventie: het benaderen van klanten, die rood staan, en klanten die een creditcard aanschaffen als oplossing van hun schulden.

De wethouder geeft aan dat de gemeente inzet op structurele oplossingen van de energiearmoede zoals betere isolatie van woningen en het inzetten van energiecoaches, en aan de andere kant door het bieden van hulp aan mensen die in de problemen zijn geraakt, zoals de energietoeslag.

In kleine groepen wordt vervolgens mogelijkheden besproken wat er gedaan zou kunnen worden om energiearmoede te beperken. Hieruit komen een aantal suggesties naar voren:

  • Een effectieve samenwerking tussen de verschillende partijen: energiecoaches, schuldhulpverleners, sociaal team,  Formulierenbrigade, waarbij de Kerngroep armoedebestrijding een coördinerende rol zou kunnen spelen.
  • Het Noodfonds kan een oproep doen om de burgers, die de € 190 toeslag in november kunnen missen, in het Noodfonds te storten om daarmee gezinnen bij te staan die acute betalingsproblemen hebben. Deze gezinnen zouden dan wel bereid moeten zijn de suggesties voor een zuiniger energiegebruik te willen opvolgen.
  • Burgerbijeenkomsten organiseren voor voorlichting over energiebezuiniging maar ook om de burgers onderling ideeën uit te laten wisselen.
  • Organisatie op meerdere plekken van gratis maaltijden; dit vermindert de verwarmingskosten, bevordert het eten van gezond voedsel en brengt gelijkgestemden met elkaar in contact om over hun problemen te praten.
  • Als mensen worden doorverwezen naar een instantie voor verdere hulp is het verstandig om na te gaan in hoeverre dit heeft geleid tot het oplossen van de problemen.
  • Extra aandacht voor jongeren rond hun 18e jaar omdat zij dan financieel zelfstandig worden.
  • Aandacht voor voorlichting op scholen aan jongeren over het omgaan met geld.
  • Training van Stimulansz in het hanteren van een bredere kijk op de problematiek
  • Het gebruik van de energiemonitor om slimmer met je energie om te gaan
  • Om de doelgroep te benaderen kan het gebruik van het koffiekarretje nuttig zijn.
  • Meer aandacht voor mensen in bijzondere situaties zoals overlijden, echtscheiding. In dit verband zouden begrafenisondernemers ook bij het netwerk kunnen worden betrokken.

Plaats een reactie